Jul 01 2010

The A-team (2010)

Published by Sascha under Recensies

Bij deze zomerse temperaturen is het voor mij haast mogelijk om deugdzame teksten neer te pennen. Dus waarom zou ik de moeite nemen een deugdzame film te kijken? Zo een soort van cultureel verantwoorde film bijvoorbeeld, met pellicule enzo, die ze op Arte na de twaalven wel eens durven uitzenden, met minimalistische dialogen in het Frans en veel doelloos geneuk. Heel existentialistisch, dat wel, maar wat koop je ermee als je uiteindelijk je bed inkruipt en de slaap niet kan vatten omdat je de film niet begrepen hebt, of omdat hij simpelweg onbegrijpbaar was? Vandaar, vandaag beperkte ik me tot de sportbijlagen van De Morgen en gisteren heb ik de remake van de A-team bekeken, een twee uur durende rush van contemporary reinforcement.

Ik heb niets tegen dit lekkere weertje, integendeel, enkel mijn hersenen durven wel eens kraken wanneer het kwik stijgt tot boven de 30 op de schaal van celcius. De A-team (2010) dus dan maar. Toegegeven, ik had geen al te gespannen verwachtingen en zoals zo vaak, betrof ook deze keuze een impulsbeslissing. Pas toen de generiek startte stelde ik mezelf de vraag wat ik me nog herinnerde van de origenele serie? Een vaag opgenomen taaaa ta taaa, tata taaaaa, ta ta ta taaaaaaaa, ta ta tadam taaa, een leidersfiguur (Hannibal), een geniale dwaas (Murdock), een intelligencefreak annex chick magnet (Face), wat domme kracht (B.A. Baracus), geknutsel (McGyver avant la lettre) en veel geknal.

Goed dus, het zo herkenbare begeleidende muziekje aan de begingeneriek leek gesneuveld. Dat had blijkbaar plaats moeten ruimen voor een moderner cross-overdeuntje waarmee, gepaard met de eerste snedige actiescènes, de toon van de film meteen werd gezet; enkel knipogen naar het verleden waren toegestaan. De actiescènes waren in de originele serie immers allesbehalve snedig -buiten in je verbeelding misschien- check maar eens na op youtube.

De vier protagonisten daarentegen waren ontegensprekelijk herkenbaar, al miste ik uiteindelijk doorheen de film wel wat karakterontwikkeling. Hoezeer Liam Neeson -in een vorig leven nog zakenman met een geweten- zijn best deed, hij kon geen overtuigende Hanibal neerzetten. De vraag die ik me dan ook stelde, “Had Bruce Willis die klus niet beter kunnen klaren?” bleek dan ook niet ongegrond, een kleine blik op imdb leert me dat hij aanvankelijk gevraagd werd voor de rol, maar misschien was het budget ontoereikend omdat de niet aflatende reeks flitsende actiescenes ook bekostigd moesten worden, en die actiescènes zijn eigenlijk de feitelijke hoofdrolspelers.

Quentin Jakson daarentegen zette wel een puike “B.A.” Baracus neer, geen flauwe copy van het origineel, maar een mooie, eigentijdse interpretatie van de domme kracht. De naar gangsta-muziek luisterende B.A. in de zo herkenbare GMC-bus was voor mij het hoogtepunt van de film, maar ik stelde me wel de vraag waarom het nu weer per se de afro moest zijn die zo dom afgeschilderd werd. Dus toch niet zo eigentijds misschien?

Al dat gedenk zou me echter van de essentie afleiden. The A-team (2010) is een absolute must see voor elke man die nog wat puberale testosteronhormonen op overschot heeft en die zichzelf en zijn hersenen even lam wil leggen. Deze remake is de moeite waard om te zien en bevat alle klassieke recepten die een goed geproducete actiefilm behoort te hebben. Een leuk detail is dat het verhaal meerdere slechterikken herbergt, maar dat mag ook wel eens als er 4 goeierikken zijn. Wie die slechterikken nu juist zijn en wat ze doen? Ga gewoon de film kijken.

Print

One response so far

Jul 07 2008

De leegheid van mijn leven

Published by Sascha under Sport

Meyrueis, Lozère, 26 juni 1977. Warm, bewolkt weer. Ik pak mijn spullen uit mijn auto en zet mijn fiets in elkaar. Vanaf terrasjes kijken toeristen en inwoners toe. Niet-wielrenners. De leegheid van die levens schokt me.

Toen ik enkele jaren geleden van een collega Polstok-redactielid en tevens goede vriend De Renner van Tim Krabbé cadeau kreeg, besefte ik nog niet helemaal welke betekenis de beginpassage van deze klassieker voor mijn latere leven zou gaan hebben. Hoewel ik in die periode zélf een ongekende fietsroes beleefde (een jaar van 8000km) en met een ongebreideld enthousiasme de eerste hoofdstukken van het boek verslond, wist ik het eind ervan nooit te halen. Dit tot grote en wellicht terechte ergernis van de schenker. “Dit boek niet uitlezen, is wielerheiligschennis. Dat doé je gewoonweg niet”. Wist ik veel dat de arme stakker achteraf nog gelijk zou krijgen.

Ik had toen echter andere katjes te geselen. Trainen trainen en nog eens trainen. En dan te bedenken, dat ik enkele jaren voorheen nog zo gezworen had nooit op een racefiets te zullen kruipen. En al helemaal geen verwijfd fluopakje aan te zullen doen. De omstandigheden hadden me er echter toe genoopt. Een ongelukkige knieblessure en begripsloze trainer wisten reeds een vroegtijdig einde aan mijn volleybalcarriëre te stellen, een aanslepende rugblessure deed voor mijn tenniscarriëre de rest. Twintig kilo later kon ik echter niet anders dan terug naar sport te grijpen. Omdat zwemmen sowieso al geen optie was -wat heb ik een hekel aan dat brakke chloorgevoel- plaatste ik dan maar mijn eerste pedaalslagen op een oudstalen ros. Ik werd herboren, en in no time werden die twintig kilo extra er 30 minder. Want fietsen is nu éénmaal vetverbranden.

Toen het afslankdoel uiteindelijk bereikt was, volgden er al gauw nieuwe doelen. Nu is het wel zo dat ik altijd enigszins competitief ingesteld was geweest, de voornaamste reden voor het stellen van die nieuwe uitdagingen was toch wel de prikkel vinden om steeds weer opnieuw die fiets op te kruipen. Weer, wind, hagel, sneeuw of regen. Niets kon mij deren. Het bracht me zo ver om in 2004 de Ventoux meermaals te bedwingen (vanuit Bédoin, de stoeremannenkant) en in 2005 een reeks Alpencols onder de wielen te gooien. Die laatste trip zal voor eeuwig en altijd in mijn geheugen gegrift bijven. Zelden heb ik zo genoten van de combinatie natuur/afzien. Met de beesten. De conditie piekte fenomenaal en door toedoen van de supercompensatie reed ik ook nog eens iedereen naar huis tijdens de beruchte “Sean Kelly Classic“.

In 2006 bestierde ik nog gezwind de meest befaamde Vogezencols, maar na deze toppen bereikt te hebben ging het toch een beetje bergaf. In 2007 behaalde ik nog een aanvaardbaar niveau, maar vanwege de kapitale fout om mijn doel (le Roc d’Azur) veel te laat op het jaar te leggen, was de motivatie op een gegeven moment compleet zoek. Een druk professioneel/scoiaal leven laat nu éénmaal niet toe om van mei tot oktober te pieken. Dat kunnen zelfs de hedendaagse profs niet.

2008 echter, is mijn zwakste fietsjaar tot dusver. Aanvankelijk legde ik nog zeer moedig éénmaal per week het traject Brussel-Antwerpen/Antwerpen-Brussel af, maar al snel liet ik deze tocht schieten. Toen ik vanochtend voor de spiegel stond, en merkte dat er zich stilaan een nieuwe vetklep rond mijn middelste aan het vormen is, moest ik plots weer aan de beginpassage van De Renner denken. Het deed me besluiten om vanaf augustus terug onvoorwaardelijk voor de fiets te kiezen. Het leven van deze niet-wielrenner schokt me immers.

Print

One response so far

Jun 30 2008

Goodreads.com

Published by Sascha under Varia

Het web2.0 weet me nog steeds zo nu en dan te verrassen. Wat gezegd van een sociale netwerksite volledig opgebouwd rond boeken en literatuur? Ga dan eens een kijkje nemen www.goodreads.com. Voeg me dan ook toe, want dan heb ik in één slag wat vrienden om leeservaringen mee te delen.

Print

No responses yet

Apr 24 2008

Er is meer

Published by Sascha under Recensies

Het is Verdacht, en bijna even Onnozel als het geloof in Horoscoop, Astrologie en andere Holistisch Helende toestanden, maar omdat de Man Van Zoniën het me zo vriendelijk vraagt doe ik het met plezier:

1. Neem het dichtsbijzijnde boek van meer dan 123 pagina’s:

Ik zeul al een maand of twee “Het Gouden Boek” van Doris Lessing overal met me mee [beste feministen: KLIK op de link en wordt wijzer]. Serieuze kloefer van 591 bladzijden. Omdat het gewoon naast me op de bureau ligt, hoef ik er niet eens mijn arm voor te strekken. Interessant werk overigens.

2. Open het boek op pagina 123 en zoek de vijfde zin:

En hij beende weg naar de vrachtwagen bij de spoorlijn, terwijl Willi mompelde: “Hij ziet er helemaal uit als een man die een rendez-vous heeft!”.

3. Noteer de volgende drie zinnen:

Hij was weer terug in zijn wereldwijze rol, zoals hij dat lijzig zei, met veelbetekenende glimlach. Maar ik was te jaloers op de onbekende vrouw om te reageren en we gingen zwijgend slapen. En we zouden hoogstwaarschijnlijk wel tot 12u ‘s middags zijn blijven slapen als we niet wakker waren gemaakt door de drie luchtmachtjongens, die ons een blad kwamen brengen.

 

Een normaal mens zou verwachten dat hij nu mag hopen op 7 jaren van voorspoed en succes of op zijn minst door MSN op de hoogte gebracht zal worden dat hij de nieuwste Nokia gratis in ontvangst mag nemen. Niks is echter minder waar.

Hmmmmm. Toch is er meer. Dit kan geen toeval zijn. Een luchtmachtjongen die me vraagt het dichtsbijzijnde boek ter hand te nemen op een welbepaalde plaats en pardoes verschijnt een tekst die handelt over luchtmachtjongens. Shakra, Zen, Ying-Yang en Fung Shui op één hoopje. De helende en energetische kracht van de literatuur valt niet te onderschatten. Prachtig toch.

Print

2 responses so far

Apr 21 2008

Open in Nederland, gesloten in Vlaanderen

Published by Sascha under Varia

Niet ik, maar het katholieke Vlaanderen weigerde Boon

Vandaag overleed Angèle Manteau. De eerlijkheid gebiedt me toe te geven dat haar persoon me totnogtoe weinig zei. Bij haar achternaam lag dat evenwel anders. Schoolcursussen en romans. Iedereen die zo nu en dan eens een boek vastneemt, zou bij het opwerpen van de naam “Manteau” toch een klein belletje moeten horen.

Manteau is/was een baanbrekende uitgeverij waar schrijvers als Daisne, Lampo, Geeraerts, Ruyslinck, Vandeloo en Snoek aan het begin van hun rijkgevulde carriëre onderdak vonden.

Ook Louis Paul Boon startte zijn loopbaan bij de uitgeverij. Jammer genoeg scheidden de wegen tussen auteur en uitgever op een bepaald moment. Het meesterwerk “De kapellekesbaan” werd uiteindelijk in Nederland geperst.

Manteau was omstreden, kreeg verwijten te verduren. Vlaams talent hoorde thuis in Vlaanderen en niet daarbuiten. Vriend en vijand zijn het de dag van vandaag echter eens over haar uitdrukkelijk bijdrage aan de Vlaamse literatuur.

Dat het Louis Paul Boon-genootschap vrijwel onmiddellijk na het overlijden van Manteau een bericht op haar website plaatst, getuigt van het uiteindelijke gelijk van de baronnes.

Print

No responses yet

Next »