Jun 01 2010

De vlagpikker: een parabel

Published by Sascha under Fictie,Uitstapjes

Het moet ondertussen toch wel zo’n dikke 15 jaar geleden zijn. Ik herinner me nog goed dat de corpulente Meatloaf in de mooie lentedagen van die uitzonderlijke millésime een stevige hit te pakken had. Maar wat ik me nog beter voor de geest kan halen, is dat mijn ouders me voor die periode geëngageerd hadden te gaan skiën met een jongerenorganisatie. Via Top-vakanties -ik zal de naam nooit vergeten- zou ik nog voor geen prikje mijn zo geliefde skitruukjes voor de tweede keer op één skiseizoen uit de kast mogen halen.

Zo geschiedde. Niet dat het “skiverlof voor een prikje” een argument was om mij toch maar te doen toezeggen eens in jongerengroep op vakantie te gaan, het was eerder iets onoverkomelijks, een onvermijdelijk gevolg van mijn persoonlijke geschiedenis. Als 11-jarig jongetje genoot ik immers al een soort van moreel besef; wanneer zowat alle kinderen en jongeren jaarlijks “op kamp” gaan, dan moet ik toch ook eens zoiets gemeenschapsvormend proberen? Mijn ééndelige groenfluo skipak, mijn spiegelglazende zonnebril en mijn met trance-motief bestickerde muts werden nog ingepakt door mijn lieve moeder, maar zodra ik gedropt werd aan -godbetert- het station van Schaarbeek, stond ik er volledig alleen voor, samen met enkele honderden andere jongeren.

Over wat er gebeurde tussen de 24u na het droppen aan het station van Schaarbeek en het aankomen aan ons Jügendhotel in de Italiaanse Alpen hoef ik alleen maar kort te zijn. Ik werd in een “couchette” tezamen met 4 Mechelaars en een Kortessemnaar (“Kotshovennaar”, naar hij vertelde) gepropt en de trein begon te bollen. De reis was een beproeving, slechts nu, vele jaren later, weet ik dat niet alle Mechelaars basketters zijn en dat niet alle Kotshovenaars karate doen, maar toen leek dat wel zo. Toen was dat, mede omdat mijn wereldbeeld nog niet tot volle wasdom was gekomen, allemaal nogal overdonderend . Ahja, ik weet ondertussen ook dat niet alle inwoners van West-Vlaanderen Arno heten. Tant pis.

Vooral wat zich afspeelde tussen het 24ste en het 48ste uur zal tot het eind der dagen in mijn hersenpan blijven kleven. Omdat we met zulk een grote groep waren, konden niet alle jongeren tegelijk het nodige materiaal verkrijgen om op de piste te mogen. Skilatten, botten en een skipas laten wel eens op zich wachten, je weet wel. Om de tijd te doden kozen de begeleiders er dan maar voor wat groepsspelletjes te spelen.

Vervolgens ging het snel. Razendsnel. Er ontstond een plots tumult en ik moest samen met de andere skiërs een grote cirkel maken: we zouden gaan “vlagpikken”. “Vlagpikken,” dacht ik bij mezelf, “wat is dat nu weer?”. Maar veel tijd om er over na te denken kreeg ik niet, voor ik goed en wel besefte wat er zich exact voor mijn ogen afspeelde begon men naar mij een nummer te roepen. “14!”, nu, “14!”. Ik was verstokt en bleef zitten, wist ik veel dat nummer 14 aan mij toegewezen was en dat ik geacht werd naar een onnozel stuk stof toe te rennen. Ik was tenslotte gekomen om te skiën. Om niks meer en niks minder, goedkoop skiën in het bijzijn van mijn leeftijdsgenoten.

Vervolgens hield ik me maar van de domme en gaf ik waarschijnlijk een onnozele opmerking, zoals ik nu, vele jaren later ook nog wel eens durf doen als ik het allemaal niet meer weet. Ik kan me inbeelden dat die opmerking wel wat cassanter was dan van mijn leeftijd mocht verwacht worden, maar of ik daarom meteen op pedagodisch onverantwoorde wijze moest apart genomen worden door de meest kloeke leider van al, daar heb ik toch nog steeds mijn twijfels over. Ik kan hem mij thans nog levendig voor de geest halen, die leider. Zijn gestalte herinnerde mij aan die van Sylvester Stallone, maar dan uit de periode dat hij nog in pornofilms opdraafde. Korte benen ten opzichte van het lijf, gespierde torso, volle ronde lippen, een beetje blos op de wangen en een soort van zwart krollenhaar. “Geeeeeeffffff acht, John Rambo!,” hoorde ik kolonel Trautman in mijn verbeelding schreeuwen, maar in de realiteit vroeg Sly alleen maar – zij het nogal onaardig, opdringerig en schuimbekkend- aan me waarom ik “weigerde aan het spel deel te nemen?”.

Ik besloot mezelf stokstijf te houden en te zwijgen. Niet om te protesteren, niet om de revolutionair uit te hangen, maar gewoon uit angst. Uit pure, diep van onderuit opborrelende angst. In de verte zag ik een lieve, blonde krollenbol -ook blozende wangetjes, maar dan op de vriendelijke manier- het schouwspel gadeslaan. Het oogcontact dat ik met hem zocht liet niet aan de verbeelding over. Terwijl Sly kwaad, spuwend, tierend nog een aantal keren dwingend dezelfde vraag herhaalde, vroeg ik, neen smeekte ik om verlossing. Uiteindelijk kwam de blonde leider naar ons toegerend en intervenieerde hij. Wat een geluk, hij nam me zacht bij de hand en nam me mee naar het dichtsbijzijnde bankje in de lentezon. We babbelden wat over koetjes en kalfjes terwijl Sly zich in de verte op het grasgroene grasveld alweer volledig op de vlagpikkampioenen stortte.

Nu, wat er ook van deze parabel waar moge zijn, in the end werd het nog wel een deugddoende skivakantie. Ik zoefde door de bochten, zweefde in de lucht, plukte er vlokjes en stoof door het poeder dat het een lieve lust was. Aan vlagpikken heb ik me achteraf echter nooit meer gewaagd, en misschien maar goed ook.

Print

One response so far

May 13 2008

91ste Giro d’Italia van start

Published by Sascha under Varia

Het is de mooiste van allemaal. Afgelopen weekend ging in het Siciliaanse Palermode 91ste Giro d’Italia van start. En zowel renners als publiek hebben het geweten. Want anders dan in de Tour de France of enige andere grote rittenkoers moeten de topfavorieten er steevast tijdens de startweek al staan. In Italië is er geen tijd voor wat rondjes warm rijden of een reeksje kermisspurtjes. Neen, de renners worden er vrijwel meteen getrakteerd op stevige kuitenbijters nijdige slotklims, en favorieten kunnen niet anders dan onmiddellijk in hun kaarten laten kijken.

De afgelopen dagen stelden dus niet teleur: ze voorzagen in spectakel. Slipstream opende de wielerhoogmis met een ietwat verrassende overwinning in de ploegentijdrit, maar het is het team van harte gegund vanwege haar fervente anti-dopingbeleid. Op dag twee mochten potentiële eindwinnaars de degens kruisen met de betere dagjesrenners. Geen neerbuigendheid jegens die tweede hoor. Denk maar aan de immer druk gesticulerende Paolo Bettini of de ietwat ingetogen Davide Rebellin, beiden op zoek naar de zoete smaak van de overwinning na een minder succesvol voorjaar.

De voorlopige winnaars lijken echter Ricardo Ricco en Franco Pellizotti, de eerste gaf met zijn zege in de koninklijke sprint bergop duidelijk gewag van een uitstekend vormpeil en de tweede kon eindelijk het door hem zo felbegeerde roze truitje aantrekken. Inderdaad roze. In Italië is alles nu éénmaal wat frivoler.

Of de Udinees over een week of drie de leiderstrui ook in Milaan nog om de schouders mag heisen is maar ten zeerste de vraag. Zijn belagers liggen op vinkenslag. In de eerste plaats denk ik dan aan Danillo di Luca. Dopingperikelen hebben deze laatste allerminst doen wankelen. Di Luca beschikt over een vormpeil om “u” tegen te zeggen en zijn ploeg (LPR) heeft te kennen gegeven als één blok achter de kopman te staan. Benieuwd of ze dat tot in de door kenners als zeer lastig geboekstaafde laatste week zullen volhouden.

Maar er zijn nog andere kapers op de kust. De Astana’s zullen zich zeker willen tonen. Als het klim- trek- en bochtenwerk voor Andreas Klöden dan al wat te zwaar zou zijn, staat er altijd nog ene Alberto Contadorklaar, de uittredende tourwinnaar. In het openingsweekend lieten de Astana’s zich nog niet meteen opmerken, maar eens de routine wat in de benen verwerkt is na het ijlings oproepen van de Kazakken, zullen ze zeker hun vechtlust tonen. Over vechtlust gesproken; berggeit Gilberto Simoni en meesterdaler Paolo Savoldelli staan altijd klaar moest de jonge garde het ietwat laten afweten.

Het worden weer drie weken om duimen en vinger bij af te likken.


Print

One response so far

Apr 14 2008

Een figuurzaag graag

Published by Sascha under Varia

Zozo. De Italianen hebben hun keuze dus kenbaar gemaakt. Plastic Face Silvio mag het voor een derde maal proberen. Oude wijn in nieuwe zakken. Of gewoon een oude zak met nieuwe wijn, Silvio is 71 nota bene. Geen mens waar deze metafoor beter past dan bij Silvio Berlusconi hemzelf. Diens gezicht bevat ondertussen meer caoutchouc dan de gemiddelde Michelin-band.

“Italianen verliezen voetbalmatchen alsof het oorlogen zijn, en verliezen oorlogen alsof het voetbalmatchen zijn”, wist Winston Churchill destijds te vertellen. Zijn uitspraak viel allicht te situeren binnen de landing op Sardinië die een einde van de Duitse nazimacht in Italië betekende. Van Italiaanse strijdkrachten was anno 1944 immers al lang geen sprake meer. Slappelingen.

Het refereert aan het Italiaanse eiland anno 2006. De smalle strandjes van Capitana verveelden me, dus ik besloot een kijkje te nemen naar de hogerop gelegen bunkers. Destijds optrokken door de Duitsers (kijk hiervoor naar het eerste kwartier van Stalingrad). Het wippend afgezakte azzuri-broekje-met-witte-kont buiten beschouwing gelaten – met de hele va fangule scheldtirrade tot gevolg. Kon ik het wat maken? de enige die enigszins met fangule te doen had, was het kleine Italiaantje zelf- was daar eigenlijk zoveel niet te zien.

Vooral het terugkomen was interessant. Een oud, opgespannen plastiventje had immers met veel zwier langs ons stekje zijn lichtroze handdoekje gelegd. Dolce Gabbana en Piz Buin in aanslag, en neen geen goedkope kopijen. Ik zweer het op het graf van mijn overleden hondje (en dat zag ik graag), mijn reiskameraad op zijn erewoord (een eergevoelige jongen); het wás Silvio Berlusconi! We twijfelden niet en namen de proef op de som. Na drie keer hard “Silvio” te roepen, nam het ventje zijn biezen. Lakmoesproef geslaagd.

Ik was aan het afdwalen. “Een volk verkiest zijn leiders dat het verdient”, is een andere gevleugelde uitspraak en God weet aan wie ik schatplichtig moet zijn. Over verkiezingen gesproken, was het niet alweer diezelfde Winston Churchill die vertelde dat de democratie niet zaligmakend is en slechts het minst slechte systeem van de reeds beproefde?

Feit is dat de Italianen nu voor de derde maal teruggrijpen naar een reeds beproefd concept. Namelijk dat van propagandistisch bestuur -als er van bestuur al sprake is- in een fascistisch kleedje. Was Mussolini niet de gozer die Hitler en Goebbels de kneepjes van het vak leerde? Een ezel stoot zich geen twee keer aan eenzelfde steen zou een mens denken, maar met een halfbloot wijf meer of minder op de tv zal het de gemiddelde Italiaan wat maken. Pens vooruit, onderlijfje aan en lichtkastje staren. 4u per dag naar verluidt.

Kan er dan écht geen positieve noot over de Italianen af bij mij? Aangezien je in Rome toch maar bestolen wordt, zou ik willen zeggen dat de baai van Napels werkelijk de moeite loont. Gezien het huidige afvalprobleem valt dat echter te betwijfelen. Die overheerlijke buffelkaas of een teugje Brunello di Montalcino dan? Suikerwater, dioxynes en pesticiden vormen de grondstof.

Neen, het enige wat ik me kan bedenken is een figuurzaag. En zagen maar!

Print

2 responses so far